5 Leven om te leren liefhebben

Mysteriën van Mirdad week 5

Een gedeelte uit Het boek van Mirdad, hoofdstuk 11

 

Mirdad 5

Liefde is de wet van God. Wij leven, opdat wij zullen leren lief te hebben. Wij hebben lief, opdat wij zullen leren te leven. Geen andere les wordt van de mens gevraagd. En wat is liefhebben anders dan dat de minnaar de geliefde voor eeuwig in zich opneemt, zodat de twee een zijn?

En wie of wat moeten wij liefhebben? Moeten wij een enkel blad aan de boom des levens uitkiezen en daarop ons gehele hart uitstorten? En de tak dan, die het blad draagt? En de stam, die de tak ophoudt? En de bast dan, die de stam beschermt? En de grond, die de wortels omsluit? En de zon, de zee en de lucht, die de grond vruchtbaar maken?
Als één blad van de boom uw liefde waard is, hoeveel te meer dan de gehele boom. De liefde die een deel van het geheel uitsluit, veroordeelt zichzelf tot smart.

U bent de boom des levens. Deel uzelf dan niet in stukken. Stel geen vrucht tegenover vrucht, geen blad tegenover blad, geen tak tegenover tak, geen stam tegenover de wortels, geen boom tegenover de moedergrond. Dát is het wat u doet als u het ene meer liefhebt dan het andere, of het andere uitsluit.

U bent de boom des levens. Uw wortels zijn overal. Uw takken en bladeren zijn overal. Uw vruchten zijn in iedere mond. Hoe ook de vruchten aan die boom mogen zijn, hoe ook zijn takken en zijn bladeren, hoe ook zijn wortels mogen zijn, zij zijn uw vruchten, uw takken, uw bladeren, uw wortels. Als u wilt dat de boom zoete en geurige vruchten draagt, als u verlangt dat hij altijd sterk en groen zal zijn, let dan op de sappen waarmee u de wortels voedt.

Liefde is het sap des levens, terwijl haat de etter is van de dood. Maar liefde moet, evenals het bloed, onbelemmerd door de aderen stromen. Doe het bloed stilstaan en het wordt een bedreiging en een ramp. En wat is haat anders dan gestolde liefde, of teruggenomen liefde, die daardoor tot een dodelijk gif wordt, zowel voor hem van wie zij uitgaat, als voor hem die ermee wordt gevoed; zowel voor de hater, als voor wat gehaat wordt.

Een geel blad aan uw levensboom is slechts een blad waarvan de liefde zich heeft afgewend. Berisp niet het gele blad.
Een verdorde tak is slechts een door gebrek aan liefde verkwijnende tak. Berisp niet de verdorde tak.
Een verrotte vrucht is slechts een door haat gevoede vrucht. Berisp niet de verrotte vrucht. Berisp veeleer uw blinde en schriele hart, dat het sap des levens aan weinigen zou willen uitdelen en het zou willen weigeren aan velen — hetgeen wil zeggen: aan zichzelf.
Er is geen liefde mogelijk dan de liefde voor het zelf. Geen zelf is werkelijk dan het alomvattende zelf. Daarom is God geheel liefde, omdat Hij zichzelf liefheeft.

Zolang u door liefde smart lijdt, hebt u uw ware zelf niet gevonden, noch de gouden sleutel van de liefde. Omdat u een kortstondig zelf liefhebt, is ook uw liefde kortstondig.
De liefde van de man voor de vrouw is geen liefde. Het is een zeer verwijderde blijk daarvan. De liefde van de ouder voor het kind is slechts de drempel tot liefdes heilige tempel. Zolang niet iedere man iedere vrouw liefheeft en omgekeerd, zolang niet ieder kind het kind is van iedere ouder en omgekeerd, mogen mannen en vrouwen pochen op vlees en been en vlees en been aanhangen — maar laat hen nooit de gewijde naam van liefde uitspreken. Want dat is godslastering.

U hebt geen vrienden zolang u één enkele mens als vijand kunt beschouwen. Hoe kan het hart dat vijandschap herbergt, een veilige woonplaats zijn voor vriendschap?
U kent de vreugde van liefde niet zolang er haat is in uw hart. Al zou u alle dingen voeden met het sap des levens, behalve een nietige worm, die enkele nietige worm zou uw leven vergallen. Want door iets of iemand lief te hebben, bemint u in waarheid slechts uzelf. Evenzo haat ge, door iets of iemand te haten, slechts uzelf. Want wat u haat, is onscheidbaar verbonden met wat u liefhebt, evenals de voor- en de achterzijde van dezelfde munt. Als u eerlijk tegenover uzelf zou willen zijn, moet u liefhebben wat u haat en door u gehaat wordt, alvorens lief te hebben wat u liefhebt en u liefheeft.

Liefde is geen deugd. Liefde is een noodzaak, meer dan brood en water, meer dan licht en lucht. Laat niemand zich op zijn liefde beroemen. Adem veeleer liefde in en uit, even onbewust en vrij als u de lucht inademt en weer uitademt. Want de liefde heeft niemand nodig om haar te verheffen. Liefde wil het hart verheffen dat zij zich waardig keurt.
Zoek geen beloning voor liefde. Liefde is voldoende beloning voor liefde, zoals haat voldoende straf is voor haat.

Vraag van liefde geen rekenschap. Want liefde geeft slechts rekenschap van zichzelf. De liefde geeft niet te leen, noch vraagt zij te leen; de liefde koopt noch verkoopt; doch als zij geeft, geeft zij zichzelf geheel; en als zij neemt, neemt zij al het hare. Haar nemen is een geven. Haar geven een nemen. Daarom is zij dezelfde: heden, morgen en in eeuwigheid.

Zoals een machtige rivier, die zich uitstort in de zee, steeds weer door de zee wordt aangevuld, zo moet ook u uzelf in liefde ontledigen, opdat u steeds van liefde vervuld kunt zijn. Een riviermonding die de gave van de zee aan de zee zou willen onthouden, wordt een stilstaande poel.

Er is in de liefde meer noch minder. Zodra u poogt de liefde te passen en te meten, ontglipt zij u en laat u slechts de bittere herinneringen.
Ook is er in de liefde geen nu en geen dan, geen hier en geen daar. Alle tijd is voor de liefde geschikte tijd. Alle plaatsen zijn voor de liefde geschikte plaatsen.
Liefde kent noch grenzen, noch barrières. Een liefde waarvan de loop door enig obstakel tot stilstand wordt gebracht, is de naam liefde nog niet waard.

Vaak hoor ik u zeggen dat liefde blind is, waarmee dan wordt bedoeld dat zij geen fout in de geliefde kan zien. Dat soort blindheid is het hoogtepunt van zien. Was u maar altijd zo blind, dat u geen fout meer in wat dan ook zou kunnen zien.
Ja, helder en doordringend is het oog van de liefde. Daarom ziet het geen fout. Als liefde uw gezichtsvermogen gereinigd had, zou u niets zien dat uw liefde onwaardig is. Alleen een van liefde beroofd, verkeerd oog is altijd doende het verkeerde te zoeken. Maar welke fouten het ook vindt, het zijn slechts zijn eigen fouten.

Liefde verbindt en verenigt. Haat ontbindt en scheidt. Deze geweldige, zware massa aarde en rots, die u Altaarpiek noemt, zou snel uit elkaar barsten, zo zij niet door de hand van de liefde werd bijeengehouden. Zelfs uw lichaam, zo vergankelijk als het schijnt, zou zeker de ontbinding kunnen weerstaan, indien u slechts iedere cel met dezelfde vurige liefde zou liefhebben.

Liefde is vrede, waarin ’s levens melodieën kloppen. Haat is strijd, die verhit is door duivelse, verzengende ademstoten van de dood. Wat zou u verkiezen: liefde, en eeuwige vrede? Of haat en eeuwigdurende strijd?
De gehele aarde leeft in u. De hemelen en hun heerscharen leven in u. Heb dan de aarde en allen die zij voedt lief, zo u uzelf wilt liefhebben. En heb de hemelen en al hun bewoners lief, zo u uzelf wilt liefhebben.

Liefde alleen kan het wonder bewerken. Als u wilt zien, laat er dan liefde zijn in uw oog. Als u wilt horen, laat er dan liefde zijn in uw oor.
Afwezigheid van haat is geen liefde. Want liefde is een actieve kracht en als zij u niet bij iedere stap en beweging leidt, kunt u uw weg niet vinden en als zij niet elk van uw wensen en gedachten vult, zullen uw wensen als brandnetels in uw dromen zijn en uw gedachten als klaagzangen voor uw dagen.

Het boek van mirdad van Mikhail Naimy 267BESTEL HET BOEK VAN MIRDAD