Het uitbannen van zwarte magie en satanisme – gedeelten uit ‘Elementaire wijsbegeerte van het Moderne Rozenkruis’

BESTEL ELEMENTAIRE WIJSBEGEERTE

Jan van Rijckenborgh (1896-1968, fakkeldrager van het Rozenkruis 21) wist heel goed dat de wereld in zijn tijd geregeerd werd door duistere machten die de mensen misleiden om hen als slaaf te kunnen exploiteren. In de derde toespraak van een serie van vier toespraken voor jongeren in 1962 (gepubliceerd in het boekje Reveil) zei hij bijvoorbeeld: ‘De gehele wereld wordt beheerst door enkele groepen die áchter de regeringen staan; die niet in de regeringen zitten, maar er achter staan. Groepen die absolute macht hebben en heel de mensheid naar hun hand zetten: en al de overige activiteit van de mensheid is derhalve slechts een spel. Wat nodig, wat noodzakelijk is, is een volkomen heroriëntering van allen.’ Hieronder volgen teksten van J. van Rijckenborgh over zwarte magie en satanisme uit zijn boek ‘Elementaire Wijsbegeerte van het Moderne Rozenkruis’, waarvan de eerste druk verscheen in 1950.

GEDEELTE UIT HOOFDSTUK 3

Zwarte magie is magie beoefend met de bewuste bedoeling de uitkomsten te eigen bate aan te wenden; of met slechte en volstrekt misdadige bedoelingen. […]

In zwarte magie zit geen spoortje van onwetendheid; de bedrijvers ervan zijn zich van hun zonde volkomen bewust en zij gaan daardoor reddeloos hun ondergang tegemoet. De zwart-magiër zit als in een cirkelgang opgesloten. Want als hij eenmaal zwarte magie bedreven heeft, moet hij het een tweede maal opnieuw doen, om zich voor de gevolgen van de eerste maal te beschermen. Aldus komt hij van kwaad tot erger. 

De zwart-magiërs, die in meerdere gebieden van stof en geest opereren, hebben zich, in zelfhandhavingsnood, ook aaneengesloten, om de gnostieke magie naar mogelijkheid te bestrijden; want men weet maar al te goed, dat het doorwerken van de werkzaamheid van de gnostieke magie het einde van de zwarte praktijken betekent. Vandaar dat al wat de wegen van de zwart-magiërs gaat, de activiteit van de Witte Broederschap dodelijk haat en vreest, zoals de duisternis het licht schuwt. 

Men kan de vraag stellen, waarom de Witte Broederschap, die toch machtiger moet zijn dan de zwarte, het zwart gevloekte niet vernietigt. Het antwoord daarop luidt, dat het Witte nimmer tegen het zwarte strijdt; dat het Witte in het algemeen geen strijd voert. Het Witte verwezenlijkt het goddelijke bedoelen, in de zekerheid dat aldus het zwarte eenmaal zichzelf zal vernietigen.  

GEDEELTE UIT HOOFDSTUK 14

Onderzoek maakt duidelijk dat, om zich blijvend in de tussensfeer te kunnen handhaven, heel wat meer raffinement en geheel andere methoden nodig zijn. Voor de entiteiten, die dit nastreven, gaat het er om ‘te zijn of niet te zijn’. Hun angst voor de helse sferen is zo ontzettend en hun verlangen naar een levensverlengstuk zó dynamisch, dat ze in hun praktijken, om zich door etherbezit te handhaven, niets ontzien.

De praktijken van de nazi’s, hun verschrikkelijke beestachtigheid, hun onbegrijpelijke wreedheid en moordzucht, zijn volstrekt en letterlijk ontleend aan en ingegeven door het satanisme. Het satanisme kan zulk een greep op een mens of op een volk hebben, dat het bij wijze van spreken incarneert. 

Het satanisme is nu sterker dan ooit en hangt als een duistere wolk boven dit werelddeel. Bijgevolg zijn de spiritistische praktijken machtiger en massaler dan ooit tevoren. Honderdduizenden zijn er door gegrepen en theoretisch is de situaties voor de thans levende mensheid hopeloos te noemen. 

De toestanden in de tussensfeer zijn zó chaotisch; de greep op alle levenden in zó intens; van het nog bij velen aanwezige fatsoen wordt zó hevig misbruik gemaakt; de demonen zijn zó direct om ons en bij ons, in zulk een mate en hoedanigheid, dat wij het tien jaar geleden voor onmogelijk zouden hebben gehouden. Velen van de besten zijn dermate gevangen genomen door het satanisme, dat wij moeten constateren, dat de vorst van de duisternis hier nu als koning heerst: het satanisme regeert de wereld.

Er zullen wellicht lezers zijn, die menen dat wij overdrijven. Doch wij zeggen u: deze dingen en deze gevaren zijn niet te overdrijven. Wat de sterkste overdrijving en de stoutste fantasie moge schijnen, is slechts een simpele aanduiding van de gruwelijke werkelijkheid. 

Wat is nu de werkwijze van het satanisme? Om die te begrijpen moeten wij uitgaan van het feit, dat het levenslichaam van iedere mens anders is van aard en vibratie. Een entiteit in de tussensfeer kan zich dus zo maar geen vreemde ethers toeëigenen. Hij zal het wel trachten, doch hij zal ze niet lang kunnen bezitten, doordat hij ten gevolge van zijn eigen afwijkende vibratieformule de vreemde ethers versneld doet vervluchtigen. 

Om nu in de opzet te slagen, gaat hij over tot een intens geraffineerd proces van overschaduwing. Hij moet trachten een op de aarde levend mens, met wie hij in het algemeen enige polariteit heeft, of polariteit kan maken, in bezit te nemen, opdat na enige maanden of jaren een geschikt vibratie-evenwicht zal ontstaan. Hij kan dan de verlangde ethers uitvampiriseren, letterlijk aftappen. Hij leeft dan ten koste van zijn slachtoffer, dat een ellendig bestaan leidt. 

Hij verenigt zich met verschillende handlangers en controleert met hen aldus gehele kringen; en onttrekt aan alle aanwezigen ether- en fosforkrachten, die hij via een medium assimileert. Aldus houden deze entiteiten hun spiritistische kringen, gelijk een boer varkens, kippen en koeien houdt en van hun voortbrengselen leeft. 

Soms gebeuren er ongelukken. Dan zijn de controles zover in het wezen van hun slachtoffers doorgedrongen, dat zij deze geheel verdringen. Dat zijn de gevallen van krankzinnigheid, waarvoor de meeste controles echter terugschrikken. Immers zij kunnen zulk een vreemd lichaam toch niet geheel goed gebruiken en leiden dan zelf ook een ellendig bestaan. 

In weer andere gevallen worden zulke intredingen evenwel geforceerd, uit angst voor verwijdering uit de tussensfeer of ook wel uit angst voor de collega’s. Of vanwege de onderlinge strijd tussen de controles van één medium.

AFSLUITING VAN HOOFDSTUK 16:

Zo komen wij tenslotte tot vragen: Hoe komen we van mediumschap af? Wat is de weg tot bestrijding van het satanisme? Hoe genezen wij de mensheid van deze gesel?

  • Door bewuste levensommekeer en levensveredeling van onderen-op ;
  • door zelf-vrijmetselarij, vrij van gezag, vrij van autoriteiten ;
  • door u niets meer te laten aanpraten en iedere geestelijke beïnvloeding af te wijzen ;
  • door, in objectieve levensinstelling, te streven naar eerstehands kennis, langs de weg van fundamentele verandering ;
  • en door ons op dit pad te laten leiden door een steeds groeiende alomvattende mensenliefde.

Bron: Elementaire Wijsbegeerte van het Moderne Rozenkruis (eerste druk uit 1950) door J. van Rijckenborgh

BESTEL ELEMENTAIRE WIJSBEGEERTE

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *