Tweede maand van de Bijbel 2021: 24 januari t/m 14 februari – Jan van Rijckenborgh over de heilige taal en de gnosis

Op initiatief van Bijbelproducent Royal Jongbloed wordt van 24 januari tot en met 14 februari 2021 de tweede Maand van de Bijbel gehouden. In die periode, die deels samenvalt met de Maand van de spiritualiteit 2021, wordt het essay ‘Houvast – zoeken naar de bron van hoop’ van PKN-scriba René de Reuver en RK-bisschop Gerard de Korte gepromoot. Andere organisaties die zich met deze Bijbelcampagne hebben verbonden zijn: Adveniat, Friesch Dagblad, Nederlands Dagblad, Evangelische Omroep, KRO-NCRV, Skandalon, Byblos, Nederlands Bijbelgenootschap, Internationale Bijbelbond, Berne Media, Elisabeth, Kok Boekencentrum en Bijbelvereniging.

Dit zijn allemaal kringen waarin niet of nauwelijks aandacht is voor de gnosis, een krachtige en waardevolle stroming die al sinds de oudheid door de orthodoxie vrijwel altijd is afgewezen, ook door paus Franciscus (over wie binnenkort onthullingen te verwachten zijn) en niet zelden op bevel van autoriteiten is vervolgd. Hoewel er in het verleden veel valsheid in geschrifte ten aanzien van de Bijbel is gepleegd, kunnen gnosis en Bijbel kunnen toch heel goed samengaan – zie bovenstaand citaat van Zwier Willem Leene (fakkeldrager van het Rozenkruis 20) uit De vuurgloed van de ontstijging. Om in deze lacune te voorzien is het online-programma Gnostiek Bijbellezen ontwikkeld, een leeschallenge die gedurende de Maand van de Bijbel (of in andere perioden) gratis kan worden doorlopen. Hieronder volgen zeven tekstgedeelten over de Bijbel door één van de belangrijkste gnostici van de vorige eeuw: Jan van Rijckenborgh (fakkeldrager van het Rozenkruis 21).

Van Rijckenborgh is opgegroeid met de Bijbel en in veel van zijn boeken verwijst hij naar bijbelteksten om zijn gnostieke visie uit te dragen. Hij is universeel ingesteld. Hij schreef bijvoorbeeld ook beschouwingen over het Corpus Hermeticum van Hermes Trismegistus (De Egyptische Oergnosis), de Daodejing van Lao Zi (De Chinese Gnosis), het Nuctemeron van Apollonius van Tyana en de manifesten van de rozenkruisers uit de zeventiende eeuw.

BESTEL ELEMENTAIRE WIJSBEGEERTE

1. De heilige taal eerstehands doorschouwen

De Bijbel wordt door de rozenkruisers als een compendium van het leven beschouwd. Onze klassieken getuigen in de Confessio Fraternitatis: ‘Zij zijn ons het naast en ons het meest gelijk zij die het ene boek tot richtsnoer van hun leven maken, tot het hoogste van hun streven en tot het compendium van de gehele wereld maken.’ Daarom ligt het heilige boek vaak opengeslagen in onze tempels. De Bijbel vormt één van de geestelijke brandpunten in onze tempels. Met deze mededelingen is voldoende aangetoond, welke waarde wij aan dit boek toekennen.

De rozenkruisers leren dat, hoewel de Bijbel, in het bijzonder het oude testament, een treffend voorbeeld is van de uiterst geraffineerde en ontstellende wijze waarop te allen tijde duistere machten de meest verheven goddelijke waarheden hebben misbruikt, en vermengd en verbonden met leugen en vervalsing, dit boek in zijn onaantastbare wijsheidsessentie een manifestatie is van de universele leer. Als zodanig is de Bijbel dus niet de universele leer, doch hij getuigt van deze levende waarheid Gods.

Wanneer een mens geheel en al dialectisch is, is het onvermijdelijk, dat hij door de uiterlijke schijn misleid wordt. Daarom kan de heilige taal nimmer bedoeld zijn voor de grote massa. Zelfs in een zuiver gewaad is zij onkenbaar voor de niet-tot-begrip-geadelden. Isis blijft voor hen gesluierd. De Heilige Geest openbaart niet slechts de heilige taal, doch hij zendt ook zijn heilige dienaren uit, die onpersoonlijk de mens opwekken, opdat hij zich geschikt zal maken om de heilige taal onafhankelijk, in de verlichting van een eerstehands doorschouwen, te lezen.

Uit: Elementaire wijsbegeerte van het moderne Rozenkruis
Hoofdstuk: De Bijbel

BESTEL DE BELIJDENIS DER ROZENKRUISERS BROEDERSCHAP

2. Bijbel exoterisch of esoterisch lezen

Of u de Bijbel exoterisch of esoterisch leest, u komt onder de diepe bekoring van deze geweldige magie. Gewaad en wezen zijn tot een volschone eenheid gegroeid en u moet deze dingen kennen, weten, om tot de christelijke mysteriën te kunnen toetreden. Zelfs de Bijbel als boek, als verschijning, is van zeer geheimzinnige invloed, van zeer uitzonderlijke kracht.

Wat is nu een boek, een dicht boek in uw boekenkast? Een dode massa! Niet echter uw Bijbel! Zie dat boek in het brandpunt van onze tempels. Is het versiering, een misschien piëteitvol mystiek symbool, zonder meer? Nee, dit ontzaglijke stuk magie, dit brandpunt van Christus’ wijsheid in de duisternis van deze wereld, is reeds als boek in staat de atmosfeer van onze tempels te zuiveren van alle slechte krachten: zij durven het open boek niet te naderen.

Patiënten die geplaagd worden door astrale krachten, weten met ons hoe het open boek een beschermende magische cirkel trekt. Daarom is de Bijbelse terminologie mede voorwaarde voor onze verkondiging. Een ander voorbeeld dat wij u willen geven, steunt geheel en al op een eenvoudig, exoterisch christelijk aanzicht: een ziel, die hongert naar wijsheid, naar verlossing, komt reeds door het lezen van de Bijbel, al zou hij nagenoeg zonder begrip zijn, onder de bekoring, onder de invloed van de magische krachten. En deze verwerkelijken aldus één aanzicht van wat wij noemen het geloof.

Uit: De belijdenis der Rozenkruisers Broederschap
Hoofdstuk: Het wondere boek

BESTEL DE BELIJDENIS DER ROZENKRUISERS BROEDERSCHAP

3. De Bijbel is een magische synthese

De magie van het christendom is allesomvattend en ze is nader dan handen en voeten. Ze ligt, als torenhoog, opgetast in de Bijbel. Ze wordt gedragen door de eeuwig groten, de heren van het lot, die boven het maken van fouten verheven zijn. Deze magie is zo magistraal, dat de stenen gaan spreken; dat het dode boek levend wordt van de liefde Gods en vurige vonken spat, zodat de duisterlingen op de vlucht ijlen.

De magie van het christendom ligt er voor ú. Het is de kracht Gods, de handreiking Gods, de kracht Gods tot zaligheid. En dit evangelie hebben wij u te brengen, omdat wij weten dat alle uiteindelijke mensheidsvernieuwing daarvan afhankelijk is daardoor tot stand wordt gebracht. Want de Bijbel is een magische synthese, een afspiegeling van het levende woord zelf, dat onder ons woont.

En zoals het wondere boek als magische formule de duisternis doet wijken en de ban van het boze verbreekt, zo zal het levende woord de ban en de vloek, waaronder deze wereld gebukt gaat, met kracht verbreken en de mensheid tot een nieuwe era roepen. Daarom is deze tijd zo belangrijk, omdat, zoals het wondere boek ons volledig verklaart, de tijd daar is. Na enig elementair esoterisch weten kunt u al spoedig begrijpen welk een kracht er in magie gelegen is, en welk een niet te zeggen bron van kracht er in het levende woord en zijn afspiegeling, de Bijbel, gelegen is.

Uit: De belijdenis der Rozenkruisers Broederschap
Hoofdstuk: Het wondere boek

BESTEL DE UNIVERSELE GNOSIS

4. Het oude en het nieuwe testament

De gnosis is er op uit om alle haar verwante naturen tot bewustzijn van hun bestemming te bengen en wederom in de volheid van het goddelijke leven in te voeren. Om deze reden wordt in alle gnostieke wijsbegeerte ernstig gewaarschuwd tegen alle rasgodsdienstigheid en tegen alle heilige taal van het ras, zoals die bijvoorbeeld in het oude testament is vastgelegd. Want ras-godsdienstigheid misbruikt de universele leer om haar bedoelingen te bereiken, bedoelingen die altijd gelegen zijn binnen het raam van deze wereld.

De god van oude testament is een volstrekte natuurgod, een demioergos, en staat diametraal tegenover die van het nieuwe testament. De aan de gnosis verwante naturen, en dus niet de persoonlijkheid van deze dialectische natuur, worden in de heilige taal als de kinderen Gods aangeduid, en alleen deze kinderen kunnen in de volheid van de gnostieke zin worden verlost. De dialectische natuur kan, in binding met de natuurgod, de demioergos, slechts binnen het raam van de tijd en in de wentelingen van het wiel, en zeer tijdelijk, van positie veranderen en een zekere verhouding tot het centrum van de natuur innemen.

Daarom heeft het geen enkele zin om met de dialectische natuur de volheid van de goddelijke natuur na te streven. Daarom heeft het geen enkele zin om zich in de dialectische natuur met de wijsheid van de goddelijke natuur te vermoeien en te beladen. Dientengevolge blijft deze wijsheid van de volkomenheid Gods voor iedere dialecticus verborgen en kan deze niet worden gebracht door meesters uit het verre oosten, of uit het nabije westen. De wijsheid van de hogere natuur kan alleen worden verzameld door de hogere natuur en alleen door deze worden vastgehouden.

Uit: De Universele Gnosis
Hoofdstuk: De gnosis en de kerk

BESTEL DE UNIVERSELE GNOSIS

5. De heilige taal getuigt van en over de gnosis

De hiërofanten van de gnosis spreken over de universele wijsheid, doch zij brengen u die niet als op een presenteerblaadje. Zij weven in hun woorden allerlei verborgen reactieprikkels, of zij trachten u door hun handeling tot reactie te bewegen. En zij slaan nauwlettend gade, hoe, en van welke geaardheid die reactie is. En naarmate de ziel, dit is het bewustzijn, zichzelf verliest en zich aan de Eeuwige overgeeft, wordt de gnosis geopenbaard. En daarom is het uitgesloten dat de gnosis als een zekere volledigheid, als een stelsel kan worden geopenbaard en uitgegeven.

Wel kan over de gnosis worden gesproken en geschreven en het pad daartoe worden aangeduid. En alles wat terzake door de hiërofanten wordt gedaan, is ruimschoots voldoende om de adspirant tot de primaire intelligente handeling te voeren. Wij menen dat het noodzakelijk is nog een misverstand weg te nemen. Het is namelijk zo, dat tallozen veronderstellen dat de dusgenaamde heilige taal, de taal van de gnosis zou zijn, geopenbaarde gnosis. Niets is minder waar!

Ook de heilige taal getuigt van en over de gnosis, zij verwijst naar God. Het is niet zo dat men door allerlei occulte en kabbalistische methoden en sleutels de heilige taal op een andere wijze, op een meer verdiepte wijze, kan leren lezen. Daarom, wat voor u niet bestemd is, doet zich aan u voor als gesluierd, u begrijpt er niets van en u behoeft dat ook niet. Zorg er voor, dat u gesluierde niet mentaal steelt, of mystiek parodieëert, of occultistisch tracht vast te grijpen. Zulk een gnosis is voor u niet bestemd, grijpt u haar toch, dan wordt zij voor u een loden last en onverteerbare kost. De gnosis komt tot een ieder in voor hem of haar verstaanbare taal, wijst een ieder het pad en kan door een ieder in primaire intelligente handeling worden genaderd. 

Uit: De Universele Gnosis
Hoofdstuk: De ware en de valse gnosis

BESTEL DE BROEDERSCHAP VAN SHAMBALLA

6. Het licht van de duisternis scheiden

De Broederschap van Shamballa, de Broederschap van de Elohim, heeft de leiding in het gehele wordingsproces van de mensheid, die een nieuwe kans tot ontwikkeling krijgt. Wanneer dit proces zich inzet, lezen we bijvoorbeeld in de oorspronkelijke tekst van de Bijbel:  ‘In den beginne schiepen de Elohim de hemel en de aarde’. Dat wil zeggen dat de Broederschap van Shamballa de woonplaats van de gevallen monaden prepareerde.

‘De aarde nu was woest en ledig en duisternis lag op de vloed,  en de Elohim zweefden over de wateren.’  En wanneer nu de gevallen en nog niet uitgeredde mens zo’n nieuwe levenskans krijgt, en hij als het ware geheel nieuw kan aanvangen om de weg naar het Onbeweeglijk Koninkrijk terug te vinden, dan worden de zeven gangen van Shamballa geopend. In de Genesisproloog worden zij aangeduid als de zeven scheppingsdagen.

De eerste gang naar Shamballa – de stad van de goden – is de gang van het Licht. Er wordt voor de mens, of voor de leerling, waarlijk zuiver, sereen Licht gemaakt. Een niet te falen Licht, een volstrekte lamp voor de voet. Het licht van de gewone natuur is altijd vermengd met duisternis, zoals goed met kwaad vermengd is in de dialectiek. Maar nu wordt het Licht scherp gescheiden van alle duisternis, en aldus is de eerste gang naar Shamballa geopend. En de Elohim zagen dat het goed was. De eerste dag!

Uit: De Broederschap van Shamballa
Hoofdstuk: De zeven gangen van Shamballa

BESTEL HET CHRISTELIJKE INWIJDINGSMYSTERIE

7. Openbaringen en profetieën

Iedere wereldgodsdienst heeft een mysteriegeschrift, een geestelijk testament ten dienste van de ingewijden en hun leerlingen, en met onvergankelijke luister straalt het christelijke geestelijke testament in de Openbaring van Johannes. Verwar nimmer profetische boeken met mysterieleer. Profetische boeken zijn er in de Bijbel vele en ongetwijfeld bevatten de mysterieboeken ook profetische elementen, doch er is een scherp onderscheid te maken tussen openbaringen en profetieën.

Openbaringen worden gegeven aan bevrijde, ontheven mensen, die aan bepaalde voorwaarden voldoen en in een zekere vergeestelijkte staat verkeren; profetieën worden gericht tot hen die in duisternis wandelen en uit de aarde, aards zijn. Openbaring betekent goddelijke kennis, goddelijke verontrusting. Openbaring wil zeggen genade, profetie is oordeel. Genade en oordeel zijn dikwijls met elkaar verweven, maar het oordeel kan niet worden gelezen als men niet rijp is voor de genade.

Wellicht begrijpt de lezer nu de reden waarom de geestelijke druktemakers immer weer met lege handen staan. Men zou zo graag de kosmische, astrologische en wijsgerige zin van de Apocalyps verstaan, doch men kan het niet, omdat men het pad niet wil. De zegelen, brieven bazuinen en visioenen kunnen voor de lezer eerst dan werkelijk gaan leven wanneer de genadevibraties van binnenuit zijn wezen doorlichten. De Openbaring van Johannes is krachtens zijn wezen als een doolhof waarin u ongetwijfeld verdwalen kunt. Doch daar is ook een fijne draad, die u door alle zalen en gangen met grote zekerheid heen kan voeren.

Uit: Het christelijke inwijdingsmysterie – Dei gloria intacta
Hoofdstuk: Oriëntering

BESTEL DE BIJBEL, HERZIENE STATENVERTALING

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *